Stripgeschiedenis

Doe Mee

Doe Mee 1941

Het eerste nummer van het stripweekblad Doe Mee verscheen op 7 mei 1936. In dit blad maakte de Nederlandse jeugd voor het eerst kennis met Amerikaanse krantenstrips zoals 'Jan-zonder-vrees' ('Jungle Jim') en 'IJzervuist' ('Flash Gordon') van Alex Raymond, 'Fred-zonder-vrees' ('Tim Tyler's Luck') van Lyman Young, 'Popeye' van Elzie Segar, 'Piet de Landloper' ('Pete the Tramp') van Clarence D. Russell en 'Jongens van Stavast' ('Katzenjammer Kids') van Harold Knerr.

Jongens van Stavast, door Knerr
Jongens van Stavast, door Harold Knerr

Popeye in Doe Mee, 1939

Popeye kende al gauw zo'n grote populariteit, dat er een speciale Popeye-club werd opgericht. Elke week sprak Popeye de lezers in Doe Mee toe, en spoorde hen aan deel te nemen aan de verschillende prijsvragen en wedstrijden.

Popeye houdt toezicht, tekening Boy ten HoveInsignes van de Popeye-club

In 1942 verdween Popeye uit Doe Mee, vanwege het verbod van de bezetter op Amerikaanse strips. In 1946 dook Popeye weer op.

Van de oorlog is in Doe Mee weinig te merken (tot in 1942 de Amerikaanse strips worden verboden). Toch is er iets van de bezetting te proeven in de resultaten van nieuwjaarswens-wedstrijd voor 1941. Hieronder twee van de winnende inzendingen:

Rut Wijgant, door Rie CramerHet was dit jaar een beetje raar
Maar laten wij nu hopen,
Dat alle dingen het volgend jaar
Een beetje anders lopen

(Els v.d. Graaf, Amsterdam)

Ik wens u voor het nieuwe jaar
Een massa nieuwe leden
En voor ons allen, als het kan
Nu eindelijk eens Vrede!

(Henk Voordouw, Haarlem)

Hiernaast: Rie Cramer maakte zelf de illustraties bij het door haar geschreven verhaal 'Rut Wijgant'.

In Doe Mee stonden regelmatig advertenties voor het Algemeen Handelsblad en het filmtheater Cineac. Deze connectie is te verklaren doordat het blad werd gedrukt door het Algemeen Handelsblad, waar ook de redactie zat. De Cineac en Handelsblad waren nauw aan elkaar verbonden. Cineac heette zelfs voluit Cineac-Handelsblad. De redacteuren van Doe Mee waren vaak ook aan het Algemeen Handelsblad verbonden zoals Wim Hora Adema. Waarschijnlijk was de uitgeversmaatschappij NV De Jeugd (uitgever van Doe Mee) eigendom van het Algemeen Handelsblad.

Doe Mee Jubileum-nummer, mei 1941De Drukker
Op 9 mei 1941 verscheen het jubileum-nummer van Doe Mee. Hierin waren onder andere een prijsvraag en een uitgebreide reportage te vinden over hoe Doe Mee gemaakt wordt.

Schrijvers voor Doe Mee waren onder andere Phiny Dick, Rie Cramer, A.D. Hildebrandt, A. Viruly en Godfried Bomans. Vooral in de oorlog neemt het aantal bijdragen van Nederlandse tekenaars toe. We vinden werk van Boy ten Hove, Lex Metz, Pax Steen, Hans Kaales, Marten Toonder, Joop Geesink, Rein Stuurman, Weynand Grijzen en vele anderen.

Binnitou Billy door Pax Steen, 1941
Binnitou Billy door Pax Steen, 1941

door Boy ten Hove
Boy ten Hove verzorgde, onder vele andere illustraties, de kop voor de puzzelrubriek van Doe Mee.

De Avonturen van Koos en Kees, door Eddy 1939door Lex Metz
De illustratie hierboven is van de hand van Lex Metz. Hij was, tesamen met Boy ten Hove en Weynand Grijzen, één van de tekenaars die ieder nummer bijdragen leverden.

'De Avonturen van Koos en Kees' door "Eddy" verscheen sporadisch in Doe Mee. De aflevering hiernaast dateert uit 1939.

Phiny DickIn het verhaal 'Het Opruim-Kommie-Thee' van Phiny Dick, geïllustreerd door haar echtgenoot Marten Toonder (verscheen in Doe Mee in 1941), komen we naast de kabouter die in het eerste verhaal van Tom Poes optreedt als de kwade dwerg "Pik In", figuren tegen als Uil en Verk het varken, die later, in de jaren vijftig, weer zullen opduiken in haar krantenstrip 'Olle Kapoen'.

Mederwekers Doe MeeWerknemers van Doe Mee

"Elke woensdagmorgen zitten wij achter hoge stapels 'Doe Mee' en pakken en plakken. Gauw, gauw, want de auto's staan klaar en de treinen wachten niet!"

Piet de Landloper
Piet de Landloper door C.D. Russell

De oorlog ging niet helemaal ongemerkt aan Doe Mee voorbij. Op 15 mei 1942 wordt voor het laatst J. de Nobel te Heemstede als hoofdredacteur genoemd. In het volgende nummer 317 van 29 mei 1942 staat opeens mr. J.A. de Groot te Bussum als waarnemend hoofdredacteur vermeld. Inmiddels zijn de meeste strips vervangen en is ook de geschreven inhoud veranderd. Veel Blut und Boden-verhalen over de natuur en het Hollandse landschap van nieuwe (waarschijnlijk wel bij de Kultuurkamer aangemelde) auteurs (met dank aan Vincent Prange voor deze aanvullende info).

Doe Mee

Tot juni 1942 is Doe Mee een weekblad, en het zal in de oorlog nog tot eind december 1942 als tweewekelijks blad blijven verschijnen. Na de oorlog pakt uitgeverij De Jeugd het blad weer op als maandblad, maar mede door de papierschaarste is Doe Mee erg klein van formaat en zonder kleur.

Doe Mee 15 maart 1949Men probeert het nog even tweewekelijks, maar het oude Doe Mee-publiek is door de vijf oorlogsjaren versneld volwassen geworden en heeft geen belangstelling meer. Op 15 december 1949 komt het laatste nummer uit.


Illustratie bij het verhaal "Vréselijk Eigenwijs gaat lang engelukkig leven," door Weynand Grijzen, 1939

Register van tijdschriften