Stripgeschiedenis

David Bueno de Mesquita

De Geschiedenis van Gulzigen Tobias
De Geschiedenis van Gulzigen Tobias

D.A. Bueno de Mesquita was een Nederlands graficus, schilder, lithograaf, houtsnijder en kinderboekenillustrator. Hij was de tweede illustrator van de beroemde kinderboekenreeks 'Pietje Bell' door Chris van Abkoude. Bueno de Mesquita schreef verder nog twee geïllustreerde boeken die vanwege hun sequentiële vertelstijl als protostrips kunnen beschouwd worden. Het eerste boek, 'De Geschiedenis van Gulzigen Tobias' (1910) is een moralistisch verhaaltje om kinderen via angst tot gehoorzaamheid te dwingen en speelt zich af in de Amsterdamse dierentuin Artis. Het tweede, 'Billie Ritchie en Zijn Ezel' (1918), heeft de ooit populaire filmkomiek Billie Ritchie in de hoofdrol en is de eerste vedettestrip uit de Nederlandse geschiedenis.

David Abraham Bueno de Mesquita werd op 23 maart 1889 in Amsterdam geboren. Zijn ouders waren joden van Spaanse afkomst. Bueno de Mesquita studeerde in 1906 aan de Rijksnormaalschool voor Tekenonderwijzers en tussen 1909 en 1913 aan de Rijksschool voor Kunstnijverheid. In 1921-1922 nam hij verder nog avondlessen aan de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten in Amsterdam.


De Geschiedenis van Gulzigen Tobias

In 1910 schreef en illustreerde Bueno de Mesquita een stripverhaal/geïllustreerd boek: 'De Geschiedenis van Gulzigen Tobias'. Het is een tekststrip over een jongetje, Tobias, die zich opmaakt om Artis te bezoeken. Zijn tante geeft hem een grote zak snoepjes en koekjes mee om aan de dieren te voeren. Maar gulzige Tobias weigert te delen en vreet alles zelf op. Die avond zit hij zo vol dat hij geen honger meer heeft en gaat met buikpijn naar bed. 's Nachts wordt het jongetje door een parade olifanten uit zijn bed getild. Ze nemen hem mee naar Artis waar een groep apen en zwanen hem naar enkele prooivogels brengen. Eén van hen, een gier, herkent hem als "gulzige Tobias" en tilt hem de lucht in. Ze vliegen naar de maan, voorgesteld als een grote man die op een wolk slaapt. De gier laat Tobias in de mond van de maan vallen, waarop het jongetje schreeuwend wakker wordt. Het bleek maar een nachtmerrie. Nu hij zijn lesje geleerd heeft deelt Tobias voortaan al zijn eten met de dieren (een gedateerde moraal voor moderne lezers, gezien dierentuinbezoekers vandaag de dag dieren niet langer mogen voederen). 'De Geschiedenis van Gulzigen Tobias' lijkt geïnspireerd door Winsor McCay's 'Little Nemo in Slumberland' (1905). In beide gevallen wordt de droom van een jongetje als excuus gebruikt om prachtig vormgegeven fantasieën weer te geven. Zelfs de tekenstijl is vergelijkbaar. Het boek werd in oblongformaat uitgebracht. Bueno de Mesquita was ook op een andere manier aan Artis verbonden. In 1915 illustreerde hij het liber amicorum van C. Kerbert, directeur van Artis.

Billie Ritchie En Zijn Ezel

In 1914 reisde Bueno de Mesquita naar Rome en Zwitserland, waar hij in het gezelschap verbleef van de Nederlandse antropoloog en homo-activist Arnold Aletrino. Tussen 1915 en 1916 leefde de illustrator in Madrid, waar hij het werk van Diego Velazquez bestudeerde. In 1918 creëerde hij een ander stripboek, 'Billie Ritchie En Zijn Ezel' (1918). Het boekje heeft de ooit populaire Schotse filmkomiek Billie Ritichie in de hoofdrol (die sterk op Charlie Chaplin lijkt, maar altijd beweerde dat die zijn act had gestolen). Het verhaal is op rijm geschreven en vertelt hoe Ritchie per ezel door het park rijdt. Hij veroorzaakt er zoveel heisa dat hij gearresteerd wordt. De rechter veroordeelt hem tot een celstraf, maar Ritchie en zijn rijdier maken zoveel lawaai dat ze terug vrijgelaten worden onder de voorwaarde dat ze hun overtreding nooit meer zullen herhalen. Historisch gezien is 'Billie Ritchie En Zijn Ezel' belangrijk als waarschijnlijk het oudste voorbeeld van een Nederlandse vedettestrip. De eerste Nederlandse vedettestrip over een Nederlandse beroemdheid was 'Ome Keesje' (jaren 1930), gebaseerd op een personage uit de radioserie 'De Familie Mulder', geschreven door de acteur zelve, Willem van Cappellen, en geïllustreerd door Henk Zwart.


In 1929 illustreerde David Bueno de Mesquita de openingsbrochure het Amsterdamse Sportfondsenbad in de Linnaeusstraat. Het boekje bevatte een stripverhaaltje over de voordelen van een overdekt zwembad.

In 1922 werd Bueno de Mesquita de tweede officiële illustrator van Chris van Abkoude's 'Pietje Bell' romans. Jan Rinke was de tekenaar van de eerste twee boeken, 'Pietje Bell' (1914) en 'De Vlegeljaren van Pietje Bell' (1920). Bueno de Mesquita visualiseerde de avonturen van de jonge rakker vanaf het boek 'De Zonen van Pietje Bell' (1922), gevolgd door 'Pietje Bell's Goocheltoeren' (1924) en 'Pietje Bell in Amerika' (1929). Latere boeken in de reeks werden geïllustreerd door Jan Lutz, Henri Pieck (broer van Anton Pieck) en Hans Borrebach. In 1991 werd de originele roman tot strip bewerkt door Dick Matena. David Bueno de Mequita heeft verder veel tekeningen gemaakt voor de Vereeniging Sportfondsen en in het bijzonder het Sportfondsenbad in Amsterdam-Oost (1929).

Bueno de Mesquita was lid van de kunstenaarsgemeenschappen Arti et Amicitae en de St. Lucas Vereniging. Hij won zowel de Prix de Rome (1913) en de Willink van Collenprijs (1921). In 1929 verhuisde hij naar Florence in Italië, waar hij de rest van zijn leven zou blijven. Hij overleed in 1962.

Billie Ritchie En Zijn Ezel

Engelse biografie in de Comiclopedia
Register van tekenaars

Meer over Bueno de Mesquita's werk voor het Sportfondsenbad op geheugenvanoost.amsterdam