Stripgeschiedenis

Maaike Hartjes

Burn-out dagboek by Maaike Hartjes
'Burn-out dagboek'.

Maaike Hartjes is een Nederlands striptekenares, (live) cartoonist en illustratrice uit Amsterdam. Ze kreeg bekendheid in het alternatieve stripcircuit van de jaren 1990 met lichtvoetige dagboekstrips rond haar alledaagse leven, die ze in een minimalistische maar expressieve stijl tekent. Vanuit de small press trok haar werk via publicaties in het vrouwenblad Viva en de krant NRC.Next uiteindelijk een groter publiek. Latere uitgaven van haar dagboek behandelen ernstiger onderwerpen, zoals haar reisverslagen en de kritisch geprezen kroniek van haar ervaringen met burn-out. Samen met Barbara Stok en Gerrie Hondius vormt Hartjes de zogenaamde "Grote Drie" van Nederlandse striptekenaressen die het autobiografische genre in hun vaderland populariseerden.

Viva Magazine comic by Maaike Hartjes
In het Viva-nummer van 13 november 2000 bezocht Maaike stripwinkel Lambiek, waar Barbara Stok haar werk signeert.

Vroeg leven en invloeden
Maaike Hartjes werd op 15 oktober 1972 in Amsterdam geboren en begon al op zesjarige leeftijd strips over haar eigen leven te tekenen. Als kind las ze strips als 'Suske en Wiske' en het vrolijke weekblad Donald Duck, terwijl ze later ook een passie ontwikkelde voor 'Thorgal' door Grzegorz Rosinski en Jean van Hamme en andere fantasiestrips door Loisel, René Hausman en Yslaire. In haar latere leven werd ze voornamelijk geïnspireerd door Amerikaanse alternatieve tekenaars als Chris Ware en de stripdagboeken van Joe Matt. In de tussentijd bleef ze zelf strips tekenen. Ze onderbrak haar studie wiskunde aan de Amsterdamse VU en studeerde in 1997 af in Illustratieve Vormgeving aan de Utrechtse Hogeschool voor de Kunsten (HKU).


Maaike Hartjes' bijdrage aan de kettingstrip 'Het Lieve Leven' in Incognito #8 (October 1995).

Stripcarrière
Toen ze nog een student was publiceerde ze haar eerste strips in de Nederlandse small press. Ze nam deel aan een tekenwedstrijd van Sjors en Sjimmie Stripblad en trok de aandacht van jurylid Jeroen Steehouwer. Steehouwer stelde haar voor aan zijn collega's van Studio Funny Farm in Arnhem, die haar aanmoedigden om verder te gaan met haar dagboekstrips. Vanaf 1992 verscheen Hartjes' tekenwerk in het Funny Farm-blad Razzafrazz, maar ook in Iris, Incognito, De Stripper, Florijn en Michiel den Hamer's Zookie-krant. Haar werk brak pas echt door toen het in Zone 5300 verscheen, een alternatief stripblad dat in 1994 door Robert van der Kroft en Tonio van Vugt werd gelanceerd. Eén van haar zelfgemaakte ministrips werd in 1995 zelfs genomineerd voor "Album van het Jaar" genomineerd in de categorie "Origineel Nederlands" tijdens De Stripdagen.

Lyla, by Maaike Hartjes
'Lyla'

De Zwarte Handel
In 1994 opende ze met Floris Oudshoorn haar eigen studio in Amsterdam, genaamd De Zwarte Handel. Behalve Hartjes en Oudshoorn werkten ook andere tekenaars tijdens de jaren 1990 en vroege jaren 2000 in het atelier, zoals Mark Hendriks, Floor de Goede, Ben Westervoorde, Peter Koch en Margreet de Heer.

Stijl
Alhoewel Hartjes een realistische stijl had ontwikkeld, zoals te zien is in haar fantasy-epos 'Lyla' voor Iris, werd ze echter bekend vanwege de schetsmatige krabbeltjes die ze in haar dagboek gebruikt. Haar minimalistisch getekende personages stonden haar toe om in een oogwenk dagelijkse ervaringen op papier te zetten en gaven eveneens een persoonlijke en lichtvoetige toets aan haar observaties. Ze haalde haar inspiratie uit haar studiowerk, een bezoek aan de supermarkt, haar relatie met collega-tekenaar Mark Hendriks en andere gebeurtenissen in het leven van een jonge vrouw in de stad.


'Maaike's Dagboekje' uit het eerste nummer van Zone 5300 (1994).

Maaike's Dagboekje
Hartjes publiceerde in eigen beheer diverse uitgaven van 'Maaike's Dagboekje', tot haar werk in 1996 voor het eerst opgepikt door De Harmonie/Oog&Blik. Met haar stripdagboeken bevond Hartjes zich in de voorhoede van een groep striptekenaressen die tijdens de jaren 1990 bekend werden. Barbara Stok en Gerrie Hondius begonnen rond dezelfde tijd ook autobiografische strips te maken en het drietal werd algauw "De Grote Drie" van de Nederlandse vrouwenstrip genoemd. Alhoewel Peter Pontiac en Gerard Leever in vorige decennia al autobiografische strips hadden gemaakt populariseerde de generatie van de jaren 1990 het genre meer dan ooit. Sindsdien hebben tekenaars als Floor de Goede, Michiel van de Pol, Margreet de Heer, Edith Kuyvenhoven, Marq van Broekoven en Sandra de Haan het genre ook opgepikt.

comic by Maaike Hartjes
Sommige van Hartjes' strips behandelen meer ernstiger zaken, in dit geval de dood van het drie-jarig dochtertje van haar vrienden.

Terwijl Stok en Hondius altijd al persoonlijkere problemen in hun strips verwerkten, bevatten Hartjes' beeldverhalen aanvankelijk vooral humoristische anekdotes. Dit veranderde enigszins toen ze tussen 2000 en 2009 een groter publiek won met haar wekelijkse halve paginastrip in Viva, een blad voor jonge vrouwen. Vanaf dat moment maakten herkenbare onderwerpen voor Viva's lezeressen, zoals relatieproblemen en grote onzekerheden, ook deel uit van haar dagboekpagina's. Meer universele thema's verschenen ook in 'Maaike's Grote Dagboekje' (2002), de eerste uitgebreide collectie van haar werk. Behalve afleveringen van haar Viva strip brengt het boek ook haar correspondentie met de Servische stripauteurs Aleksandar Zograf en Nikola Vitkovic tijdens de NAVO-bombardementen in Kosovo in 1999. De Harmonie/ Oog & Blik bracht ook andere compilaties van haar werk uit, zoals 'Hartjes 1' (2004), 'Hartjes 2' (2005), 'Zo lief ben je nou ook weer niet!' (2007), 'Hartenjagen' (2009) en 'Gruwelijk!' (2011). Een Franse vertaling van haar werk werd in 1999 door La Cafetière gepubliceerd, terwijl haar stripjes in de VS werden opgenomen in Roberta Gregory's 'Naughty Bits' stripboek.

Hong Kong by Maaike Hartjes
'Hong Kong Dagboek'.

Behalve in Viva verschenen Maaike's autobiografische strips en reisverslagen ook in NRC.next, De Volkskrant en Francine Oomens Hoe Overleef Ik magazine. De redacteurs van NRC gaven haar vaak een grappige opdracht die ze dan in haar stripverslagen kon behandelen. Voor het kinderblad Hoe Overleef Ik (2008) maakte Hartjes strips die waren gebaseerd op waargebeurde verhalen van lezers. De reizen die Hartjes en haar partner Mark Hendriks maakten door Azië inspireerden haar om met verschillende lay-outs en grafische stijlen te experimenteren, vaak beïnvloed door Japans ontwerpers. Dit werd vooral duidelijk in haar reisverslagen, die gelezen kunnen worden als een mix tussen dagboek en stripjournalistiek. Middels subsidie brachten Hartjes en Hendriks een maand door in de fascinerende stad Hong Kong. De kroniek van hun reis was een gezamenlijk werk, dat in 2008 door Oog & Blik onder de titel 'Hong Kong dagboek' (2008) werd uitgebracht. Toen Hartjes naar Zuid-Afrika reisde voor een reeks workshops werd ze geconfronteerd met de restanten van kolonialisme en apartheid, waaronder ook haar eigen vooroordelen. Haar verslag verscheen in 2010 onder de titel 'Donker' bij De Bezige Bij/Oog&Blik.

Burn-out Dagboek
In 2014 leed de overwerkte Hartjes aan een burn-out. Niet in staat te werken, vond ze soelaas in haar dagboekstrips. Maandenlang schreef en tekende ze een openhartig verslag van haar oververmoeidheid, paniekaanvallen, wanhoop, schuldgevoelens en het algemene onbegrip over haar toestand, maar ook over de steun die ze van familie en vrienden ontving. Grafisch gezien was het burn-out dagboek een ware tour-de-force. Hartjes had al eerder foto's en andere knipsels in haar reisjournaals verwerkt, maar nu bracht ze haar karakteristieke tekenstijl volledig samen met collagekunst. Post-its, washi tape, behangpapier, knipwerk, OV-tickets en zelfs enveloppen van de Belastingdienst werden gebruikt om via een unieke vertelstijl metaforische voorstellingen van haar emoties samen te stellen. Maaike's 300 pagina's tellende 'Burn-out Dagboek' (2018) werd uiteindelijk door Nijgh & Van Ditmar uitgebracht en lovend ontvangen.


'Tekeningen Rekeningen'

Promotie van strips
Maaike Hartjes is altijd een groot voorvechter geweest van de strip als kunstvorm en de rechten van de makers. In 1997 stelde ze een stripboek samen dat enkel werk van vrouwelijke tekenaars bevatte: 'Old Cake Comix' (1997). Samen met Jean-Marc van Tol, Albo Helm, Mark Hendriks, Marcel Ruijters en Nardja Kerkmeer richtte ze het Nukomix collectief (2000) op om een alternatieve en meer vernieuwende vorm van strips in Nederland te promoten. In 2011 aanvaarde ze samen met Hanco Kolk een gedeeld voorzitterschap van de BNS, de Bond Nederlandse Stripmakers. Tijdens haar ambtstermijn (2011-2013) richtte ze zich vooral op copyright en beeldrecht van stripauteurs. In een reeks informatieve strips, getiteld 'Tekeningen Rekeningen' (2012), gaf ze verder zakenadvies aan freelance creatievelingen. In 2017 bevond Hartjes zich samen met Margreet de Heer, Pieter Hogenbirk en Robert van der Kroft in de race om Stripmaker des Vaderlands te worden, maar de eer ging uiteindelijk naar De Heer.


Grafische interpretatie van 'De Kinderballade' voor Strips in Stereo.

Andere grafische projecten
Naast haar strips voert Maaike Hartjes via het Comic House agentschap van Hans Buying commerciële opdrachten uit. Ze maakt illustraties in allerlei soorten stijlen en kan tijdens zakenbijeenkomsten als live cartoonist ingehuurd worden. Ze heeft verder deelgenomen aan collectieve projecten als 'Strips in Stereo' (2006) en 'Mooi is dat!' (2010), waarbij ze bijdragen leverden aan stripinterpretaties van het lied 'De Kinderballade' van Boudewijn de Groot en het gedicht 'Boem Paukeslag!' van Paul van Ostaijen. Tussen 2004 en 2006 schreef ze de scripts voor de strip 'Siglo XXV', die geïllustreerd door Ben Westervoorde op de achterkant van National Geographic Junior gepubliceerd werd.

Erkenning
Ze ontving in 2016 de Stripschapprijs voor haar hele oeuvre en haar inzet voor de Nederlandse stripindustrie. Ze aanvaardde de prijs met enige terughoudendheid, maar weigerde het jaar erop in de jury plaats te nemen, grotendeels vanwege haar kritiek op de conservatieve organisatie achter het gebeuren.


Dagboekstripje uit 2005 met gebruik van fotografie.

Engelse biografie in de Comiclopedia

Register van tekenaars