Stripgeschiedenis

Martin Lodewijk

Agent 327
Dozijn min twee (met Harry Mulish)

Martin Lodewijk (Rotterdam, 30 april 1939) is een van Nederlands bekendste striptekenaars en -schrijvers. Zijn bekendste creaties zijn 'Agent 327' and 'Storm', maar Lodewijk stond ook aan de wieg van het stripblad Eppo in 1975 en is een veelzijdig reclametekenaar. Lodewijk (voluit Martinus Spyridon Johannes Lodewijk) zat vanwege zijn astma in zijn jeugd vaak thuis, en deze tijd spendeerde hij met gretig lezen en tekenen van stripverhalen. Door zijn ziekte kon hij een carrière als piloot wel vergeten, en dus koos hij een artistiek beroep. Al tijdens zijn schooltijd maakte hij cartoontjes voor ondeugende bladen als De Mascotte en Bolero.

Babel en Knetterton, van Martin LodewijkDe man van staal
Babel & Knetterton - De Platina Pannekoek en De Man van Staal uit de Ruimtevaart-reeks

In 1957 begon hij als striptekenaar bij ATH, een uitgeverij van zogenaamde "beeldromans". Hij tekende aanvankelijk de komische strip 'Babel en Knetterton', die al snel werd gevolgd door een tiental comics met ruimtevaartverhalen (1957-1958). Hierna volgden zes boekjes van de piratenstrip 'Arent Brandt', waarvan de laatste twee delen onder de titel 'Captain Kidd' verschenen (1958).

Arent Brandt, door Martin LodewijkVerschrikking op Altair IV, door Martin LodewijkGevaar op Venus, door Martin Lodewijk

In 1959 tekende Martin Lodewijk in navolging van Piet Wijn een jaar lang 'Frank, de Vliegende Hollander' voor het Rotterdamsch Parool. Daarna stopte hij met striptekenen en wijdde zich zes jaar lang louter aan reclame opdrachten. Hij kon aan de slag bij de Publi Studio in Schiedam, en maakte tekeningen voor de meest uiteenlopende producten. Later ging hij ook voor Jan Kruis werken, onder meer aan het reclamestripje 'Inspecteur Smulleman' voor Treets.

Frank, de Vliegende Hollander
Frank, de Vliegende Hollander - Safari in de ruimte

Martin Lodewijk keerde op aanraden van Jan Kruis terug naar de strips. De Geïllustreerde Pers wilde in het stripblad Pep graag een parodie op het geheimagent-genre, dat op dat moment hoogtij vierde door het succes van de James Bond-films. Kruis droeg Lodewijk aan, en in 1966 verscheen het eerste verhaal van Hendrik IJzerbroot, oftewel 'Agent 327'. De strip, die het midden houdt tussen James Bond en de tv-serie Get Smart, verscheen aanvankelijk nog onder het label "Een Jan Kruis Productie". De tekenstijl was dan ook nog erg door Jan Kruis beïnvloed. Toen Lodewijk op aanraden van de redactie overging van pen op penseel, kreeg de strip zijn definitieve vorm. In 1968 verscheen het eerste lange avontuur, 'Dossier Stemkwadrater', dat nog hetzelfde jaar ook in album werd uitgegeven.

Pep cover by Martin LodewijkPep cover by Martin Lodewijk

Agent 327Naarmate de tijd verstreek werd de inbreng van Lodewijk in Pep steeds groter: hij schreef verhalen voor Dino Attanasio ('Johnny Goodbye') en Daan Jippes ('Twee voor Thee') en bleef met grote regelmaat nieuwe verhalen van 'Agent 327' tekenen. In 1975, toen Pep en Sjors samensmolten tot Eppo, werd Lodewijk samen met Frits van der Heide hoofdredacteur. Hij bleef nieuwe verhalen maken van zijn vertrouwde geheimagent, die ondersteuning kreeg van de wulpse Olga Lawina.

 

Agent 327
Vroege Agent 327, met duidelijke Jan Kruis-invloeden

Lodewijk begeleidde verder nieuw talent en lanceerde nieuwe stripseries, waarvan de ruimtesaga 'Storm' de bekendste is. Voor het tekenwerk werd de Britse tekenaar Don Lawrence aangesteld, die de Pep-lezers nog kenden van de verhalen over het keizerrijk 'Trigië'. Na wat experimenten met Britse schrijvers, schreef Lodewijk het tweede verhaal zelf en liet hij de reeks daarna over aan Dick Matena. Toen in 1983 de nieuwe cyclus 'De Kronieken van Pandarve' begon, nam Martin Lodewijk het schrijfwerk weer over. Samen met Don Lawrence maakte hij nog dertien nieuwe albums, totdat de tekenaar in 2001 overleed. Tussen 2007 en 2010 schrijf hij weer nieuwe verhalen van 'Storm', die in opdracht van de Don Lawrence Collection worden getekend door Romano Molenaar en Jorg de Vos.

Martin LodewijkPep

Voor Eppo/Wordt Vervolgd bedacht Martin Lodewijk midden jaren '80 verder nog de pilote 'January Jones' met Eric Heuvel. Ook schreef hij enkele 'Edmund Bell' verhalen voor René Follet. Martin Lodewijk heeft gedurende de jaren '80 en 90 vooral veel commercieel werk gedaan, zoals de befaamde lachende dieren in de Amsterdamse dierentuin Artis, en de filmposter voor de Dick Maas film 'Flodder'.

Festini reclame door Martin Lodewijk
Reclamewerk voor Festini-ijsjes

Gelukkig voor de stripwereld heeft Lodewijk in 2000 zijn serie 'Agent 327' als krantenstrip in het Algemeen Dagblad hervat. Sinds 2009 verschijnt de strip, zij het door persoonlijke tegenslagen in zeer kleine porties, in de nieuwe Eppo. Het kostte Lodewijk tien jaar om het twintigste album te voltooien, maar in 2015 verscheen het album, 'De Daddy Vinci Code', in de winkel. Producent Marc Thelosen en regisseur Koert Davidse maakten een documentaire over de laadste loodjes, getiteld 'Martin Lodewijk en de laatste pagina', die in 2015 voor het eerst werd vertoond.

De Gesel van Rotterdam
Agent 327 - De gesel van Rotterdam

Samen met Adri van Kooten startte Lodewijk in 2003 de "nedermanga" 'Quark'. Ook maakte hij met Van Kooten, Hendrik J. Vos en Bart van Erkel drie nieuwe deeltjes van de klassieke Nederlandse superheldin 'De Kat', die oorspronkelijk door Henk Albers werd getekend. Van 2004 tot 2012 schreef hij in opdracht van Standaard Uitgeverij de Vlaamse serie 'De Rode Ridder', na het overlijden van Karel Biddeloo. De tekenaar is Claus D. Scholz.

In 1978 heeft Martin Lodewijk de Stripschapprijs gewonnen. In april 2011 kreeg hij in Rotterdam een koninklijke onderscheiding voor zijn inzet voor het beeldverhaal. Samen met zijn broer Tim speelde hij ook in de bluegrassband Chickenfeed, die in 1978 de lp 'The Best of What?!' uitbracht.

Martin Lodewijk

Engelse biografie in de Comiclopedia

Register van tekenaars