Stripgeschiedenis

Huib de Ru

Pietjes avontuur in Afrika, by Huib
'Pietjes avontuur in Afrika' (Kleine Wij, 1937).

Huib de Ru was een Nederlands ornamentenmaker, glas-in-lood kunstenaar, schilder en tekenaar uit Haarlem. Hij was nauw verbonden aan de opkomende arbeidersbeweging en was tijdens de jaren 1930 stripauteur voor het socialistische jeugdblad Kleine Wij. Desondanks is hij vooral bekend om zijn meer monumentale werken, die hij aanvankelijk in samenwerking met zijn atelierpartner Nico Schrier maakte.

Jonge jaren en opleiding
Huibert Bernardus Wilhelmus de Ru werd op 1 februari 1902 geboren als de oudste van drie zonen van huisschilder Huibert Hendrik de Ru en Johanna Jansje Leen. Vanaf 1912 woonde de familie in Spaarndam, nabij Haarlem, waar Huib een passie ontwikkelde voor de flora en fauna van de polder- en duingebieden. In zijn schetsboek maakte hij gedetailleerde schetsen van de planten en bloemen. Een aantal jaar later schreef hij zich in aan de Haarlemse School voor Bouwkunde, Versierende Kunsten en Kunstambachten, waar hij van 1915 tot 1920 studeerde. Hij had zijn eerste baan als vrijwilliger in het grote glas-in-lood atelier van Willem Bogtman (1920-1926), waar hij ook reclamefolders en pamfletten ontwierp.

Glas-in-lood atelier De Vonk
De Ru begon hierop zijn eigen glas-in-lood atelier, samen met zijn collega Nico Schrier (1900-1989). Ze noemden hun firma De Vonk en opereerden later onder de naam Atelier Schrier En De Ru. Hun bedrijf was aanvankelijk gevestigd in het tuinhuis van Schriers woning in Heemstede, maar verhuisde in 1930 vanwege de snelle groei naar Haarlem. Hun partnerschap hield aan tot 1946. De Ru en Schrier ontwierpen vele glas-in-lood ramen voor de particuliere woningen die in Haarlem-Noord gebouwd werden, maar ook voor religieuze gebouwen en de Flora bloemententoonstelling in Heemstede (1935). De Vonk maakte verder ramen voor het Troelstra-oord, een in 1927 opgericht vakantieverblijf voor arbeiders in Beekbergen. Afgezien van hun eigen creaties, construeerde het duo ook ramen die waren ontworpen door Albert Hahn Jr., W.A. van der Walle, Elie Smalhout, J.A. Bijvoet en Max Nauta. Veel van hun ontwerpen voor scholen en fabrieken verbeeldden socialistische idealen, maar het atelier maakte ook glas-in-loodportretten in opdracht.


Poster voor het Nederlands Verbond van Vakverenigingen (N.V.V.), 1933.

Socialistische beweging
Huibert de Ru was nauw verbonden met de arbeidersbeweging. Dit uitte zich niet alleen te zien in zijn raamontwerpen, maar ook in zijn actieve lidmaatschap van de socialistische partij S.D.A.P. De Ru voelde zich ideologisch verplicht om aan de "culturele verheffing van de arbeidsstand" bij te dragen. Hij ontwierp pamfletten voor de Dag van de Arbeid, spandoeken voor het Instituut van Arbeiders Ontwikkeling en droeg bij aan het blad De Stem van de Arbeid. Een terugkerend thema in zijn werk was het sociaal-democratische Plan van de Arbeid (1933-1940), dat zich richtte op de promotie van industrialisering, vermindering van werkloosheid en nationalisering van de industrie. Zijn lithografieën van de Duitse dichter Goethe en Haarlems Oude Bavo-kerk vonden in veel arbeiderswoningen een plekje. De Ru bedacht en voerde verder ook schaduwspelen uit in samenwerking met de Amsterdamse kunstenares Fré Cohen.


De Ru's Hitler-cartoon. 1937.

Politieke cartoons
Naast zijn dagelijkse baan maakte Huib de Ru politieke cartoons voor het satirische blad De Notekraker (tot 1936) en het SDAP partijblad Vrijheid, Arbeid, Brood (1933-1940). Begin 1937 publiceerde laatstgenoemd blad één van zijn cartoons met als ondertitel: "Het carnaval te Berlijn is begonnen - een duur feest met weinig plezier." De prent beeldde Hitler als een carnavaleske Arabier uit, terwijl Göring en Goebbels dansen met symboliseringen van Laster, Waanzin en Leugens. De tekening refereerde naar de Duitse militaire steun aan het Spaanse leger in Spaans-Marokko. Het bewuste nummer van Vrijheid, Arbeid, Brood werd in beslag genomen wegens "belediging van een bevriend staatshoofd". Tijdens de oorlog moest De Ru zich opnieuw verantwoorden vanwege deze aanstootgevende cartoon, ditmaal tegenover de Duitse bezetter. In mei 1940 verbrandde de tekenaar veel van zijn politieke tekeningen in zijn achtertuin.

comic art by Huib
'Van het elfje, dat naar Amerika vloog'.

Kleine Wij
Minder bekend zijn de stripverhalen die hij tussen 1937-1938 maakte voor "Wij, voor onze meisjes en jongens" (later omgedoopt in Kleine Wij), de jeugdbijlage van het socialistische blad Wij, uitgegeven door De Arbeiderspers. Hij ondertekende ze met simpelweg "Huib", terwijl de teksten hoogstwaarschijnlijk door één van de redacteuren geschreven werden. 'Kabouter Grijphand' ging over een kabouter die alles greep wat hij te pakken kon krijgen, zelfs de poot van een grote vogel. De vogel vliegt weg en laat het mannetje in een grote boom vallen, waarna hij snel van zijn slechte gewoonten genezen is! 'Pietjes avontuur in Afrika' was een langere avonturenstrip die zich in Afrika afspeelde, terwijl 'Kabouter Jokkebrok' weer over een andere ongemanierde kabouter ging. Telkens wanneer hij loog, groeide zijn buik. Aan het einde van het verhaal moet hij hem in een kruiwagen ronddragen. Tot Huibs andere verhalen voor Kleine Wij behoren 'De geschiedenis van Jantje', 'Van het elfje, dat naar Amerika vloog' en 'Pluisjes vele avonturen'. Andere illustratoren die voor Kleine Wij werkten waren Priel, Rein Stuurman, Henk Rotgans en Toby Vos.


'Kabouter Grijpgraag'.

Naoorlogse activiteiten
Na de oorlog scheidden De Ru en Schriers wegen. Schrier zette zijn glas-in-lood atelier verder, terwijl De Ru zich toelegde op het ontwerpen van pamfletten en praalwagen voor plaatselijke evenementen. De Ru was verder in te huren als portrettekenaar en muurschilder, terwijl hij ook recensent voor de krant was. Tussen 1938 en 1940 had hij al toneelbesprekingen voor Het Volk geschreven. Tussen 1946 en 1948 recenseerde hij veel tentoonstellingen in het Frans Hals Museum. Hij hervatte zijn werk als politiek cartoonist in het blad Met Volle Zeilen en was illustrator voor De Stem van de Arbeid. Hij zat in de organisatie van kunstverenigingen als Kunst Zij Ons Doel (1951-1953) en de Federatie van Beeldende Kunstenaars Verenigingen (1953-1958).

De Ru specialiseerde zich in gezandstraalde glasramen, waarbij hij zowel kleine decoraties als grote reliëfs ontwierp voor fabrieken, scholen en kantoren, evenals nieuwe glas-in-lood ramen voor religieuze gebouwen. Later in zijn leven ontwikkelde hij een passie voor metalen muurdecoraties. Vanaf 1960 was hij één van de kunstenaars die een reeks kleurendia's gebaseerd op het Nieuwe Testament ontwierp voor de Stichting Docete van Frater Mous in Hilversum. In zijn vrije tijd was hij ook actief als water- en olieverfschilder. Hij ging in 1967 officieel met pensioen en overleed op 19 november 1980 in Haarlem.

Dood en nalatenschap
Huib de Ru wordt vooral herinnerd voor zijn traditionele en elegante decoratiewerken, die vanwege hun technisch vakmanschap worden geprezen. Zijn stripwerk blijft grotendeels onderbelicht. De Ru's verhalen in Kleine Wij waren toegeschreven aan "Huib", waardoor de ware identiteit van de tekenaar jarenlang een mysterie bleef, net zoals die van een andere medewerker van Kleine Wij, de nog altijd onbekende Priel. Zijn zoon Huib de Ru Jr. (1928) werkte als cameraman, journalist en regisseur voor Polygoon en VARA.

Meer info over Huib de Ru
Het leven en werk van Huib de Ru is in kaart gebracht door Hans Vogelesang in zijn paper 'Huib de Ru - Haarlemse sierkunstenaar, glazenier, schilder en tekenaar'.


Self-portrait (1941). 

Hans Vogelesang's paper is te lezen op de site rkddb.rkd.nl (PDF)

Engelse biografie in de Comiclopedia
Register van tekenaars

(Tekst door Bas Schuddeboom.)