Stripgeschiedenis

Tina deel 2 - meisjesblad met strips (1983-2008)


In 1981 had Tina nog een geschilderde voorplaat, maar wel al een nieuw logo. In 1985 was dat logo inmiddels flink verkleind en stonden er lezeressen op de cover.

Transformatie
Vanaf het begin was Tina op een enkele redactionele pagina na - zoals de vaste Tina Post-pagina - geheel gevuld met getekend materiaal, tot de cover aan toe. In de loop van de jaren 1980 kwam daar verandering in. Halverwege 1983 verdwenen de geschilderde voorplaten van Purita Campos en stond elke week een andere lezeres op de cover. Ook werd in 1985 het aantal pagina's verhoogd naar 40. Deze uitbreiding bood meer ruimte voor redactionele inhoud, zoals de nieuwe rubrieken 'Ruilmarkt', 'Pennemaatjes', 'Ik Zoek' en 'Beestenbende' (met ingezonden "moppige" foto's van dieren), maar ook interviews, reportages en posters. In 'O Jee! Wat Nou?' bood de redactie (die zich presenteerde als "De Tina's") hulp aan lezeressen in nood, vaak op gebied van verlegenheid, verliefheid, school of algemene onzekerheid. In de 'Tina Droomwens' gingen dromen van lezeressen in vervulling, bijvoorbeeld een afspraakje met Gerard Joling of in tweeën gezaagd worden door een echte illusionist. Midden jaren 1980 verschenen in Tina enkele fotostrips, geschreven en geregiseerd door Paul Deckers. Zijn broer fotografeerde. Opnames vonden onder meer plaats in Schalkwijk, waar de Oberon-redactie was gevestigd, en in Callantsoog, in het vakantiehuis van de ouders van Donald Duck-hoofdredacteur Thom Roep.


De Tina-redactie presenteert in 1983 de gerestylede Tina met foto's in plaats van illustraties op de cover. Van links naar rechts: Paul Cormont (hoofdredacteur), Marijke Zeeman, Judith Postema, Marjolein Dirkes (achter logo), Anne-Marie Tassier, Dirk-Jan Booy (vormgever). Staand: Liesbeth van der Maat, Marjolein Winkel.

De strip op de achterkant maakte plaats voor het "Tina Moppie van de week", een foto van een popster of een snoezig diertje. De Post-pagina werd uitgebreid met de "Meelbieten" (gekkebekken-foto's van lezers), de "Mazzelmeiden" (cadeautjes voor abonnees) en de "Beestenbende" (foto's van dieren). Door al deze aanpassingen werd de band met de lezeres vergroot. Niet voor niets verscheen het blad indertijd met (onder)titels als "Je eigen Tina" (1981-1982) en "Tina, voor jou!" (1982-1986). In 1986 werd er op Texel zelfs een Tina Paardenkamp georganiseerd! Deze redactionele formule werd doorgezet tot ver in de jaren 1990, met tussendoor nog twee restylings met modernere logo's, ingevoerd in 1987 en 1997. Sinds 1990 bestaat de helft van Tina uit strips en de andere helft uit redactionele pagina's. Zo veranderde Tina onder leiding van hoofdredacteur Anne-Marie Tassier geleidelijk van een stripblad voor meisjes in een meisjesblad met strips.


Tina 20 uit 1994, met achterop het "Moppie van de week".

Humorstrips
Ook op het gebied van strips veranderde het nodige. Waar in de jaren 1970 de nadruk had gelegen op (melo)drama en mysterie, kwam er in de jaren 1980 meer ruimte voor humor in Tina. De belangrijkste schrijver hiervoor was Patty Klein, die in dit decennium bijna het hele blad volschreef met eigen reeksen. Na 'Noortje' bedacht ze tussen 1978 en 1983 al de reeks 'Pension Woefmiauw' (tekeningen van José Casanovas), over de grappige gebeurtenissen in een dierenassiel. Daarna kwamen de 'Doebidoes' (1979-1997), de belevenissen van een popgroep, eerst in lange verhalen, daarna in korte avonturen, getekend door Angeles Felices. Met dezelfde tekenares maakte Patty verder 'Madelon van Hotel Stending' (1982-2003), over een meisje dat in een maf hotel werkt, en 'Het Huishouden van Janneke Steen' (1991-2008), over een gezin met een kolderieke huisvader. Opvallend is dat deze humorstrips ondanks hun absurditeiten en slapstick realistisch getekend werden, zodat de herkenbaarheid bleef gewaarborgd.


'De Doebidoes' van Patty Klein en Angeles Felices (Tina 11, 1987).

Toch slopen er in de jaren 1980 langzaam meer karikaturaal getekende gagstrips het blad binnen. Zo maakte de voornamelijk als illustrator bekende Jan Wesseling de reeks 'Cis en Soezie' (1982-1984), en daarna kwam de langlopende paardenkolderstrip 'Pien en Peer' (1984-1994), geschreven en getekend door Ruud Straatman. In 1985 debuteerde Wout Paulussen met de familiestrip rond de bijdehante 'Heleentje' (1985-1991). Drie jaar later kwam hier nog de broer-en-zusstrip 'Jip en Jolien' (1988-1991) bij van Marjolein Winkel (tekst) en Marcel Bosma (tekeningen), die weer werd opgevolgd door de spin-off rond huisdier 'Poes' (1991-1997) door dezelfde makers.


Melige paardenhumor in 'Pien en Peer' van Ruud Straatman (Tina 11, 1986).

Complete verhalen
Maar er bleek ook genoeg ruimte voor drama en avontuur. Wel besloot de redactie om, door veranderd mediagebruik bij tienermeiden, de eigen productie niet meer toe te spitsen op lange verhalen. De uitzondering hierop bleef de titelstrip 'Tina en Debbie', die na de dood van schrijver Andries Brandt in 1985 werd overgenomen door Marjolein Winkel. Verder werd het eigen schrijvers- en tekenaarsteam tussen 1984 en 2008 vooral ingezet voor complete verhalen variërend van 4 tot 8 pagina's, al dan niet met terugkerende personages. Populaire thema's waren vriendschap, jaloezie, dierenwelzijn, spanning op school of de sportclub en inzamelingsacties om buurthuizen en dierenopvangen te behoeden voor de snode plannen van roekeloze zakenlui. Naast de eigentijdse verhalen werden ook af en toe spookverhalen en historische avonturen gemaakt. Het tekenwerk kwam weer grotendeels van Creaciones Editoriales, de Spaanse studio die door de connecties met Engeland ook veel Britse schrijvers aandroeg. Door de jaren heen leverden Geoff Alan, Val Bonsall, Audrey Davie, M. S. Goodall, Maureen McAdam, Ian Mennell en Jean Simpson vele verhalen aan Tina.


Spannende luchthavenavonturen van 'Dafne', door Frits van der Heide en Jack Staller (Tina 5, 1988).

Behalve de Britten werden ook Nederlandstalige schrijvers aangetrokken om voor Tina te werken. Tussen 1985 en 2008 leverde Rolf Hartog van Banda onder zijn pseudoniem Mano zo'n 65 scenario's met telkens wisselende hoofdpersonen. Hiervoor had hij al samen met zijn vader Lo enkele vervolgstrips geschreven. Voormalig Eppo-redacteur en vertaler Frits van der Heide was van de partij met verhalen over 'Dafne', die op een luchthaven werkt (1985-1990, getekend door Jack Staller), het paardenmeisje 'Fanny' (1986, getekend door José Duarte) en de internationale avonturen van 'Linda & Marina' (1992-1994, getekend door Purita Campos). Zijn vrouw Constance van der Heide schreef tussen 1991 en 1993 verhalen over 'De Scouts' en de historische strip 'Filou', getekend door respectievelijk Rudi Jonker en wisselende Spanjaarden. De Vlaming Marck Meul, vooral bekend van zijn werk voor Studio Vandersteen, schreef tussen 1985 en 1992 vele losse verhalen, evenals de spannende circusstrip 'Valentina Rustinova' (1985-1986), getekend door Edmond.


'Veronica's laatste rit', geschreven en getekend door Aloys Oosterwijk (Tina 26, 1999).

Ook Patty Kleins zus Conny Möricke had tussen 1986 en 1995 een prominente rol in Tina, als schrijfster van onder meer 'Marnie en Sanne' (tekeningen Juliana Buch) en 'Micky' (tekeningen van Trini Tinturé). Bas van der Horst bedacht voor Tina de vriendinnen 'Sas en Lies' (1986-1995, getekend door Edmond), het kostschoolmeisje 'Annabel' (1987-1992, getekend door Josep Nebot en later Comos) en de historische avonturen van 'Marian en Robin' (1996-2001, getekend door Maria Barrera). Axelle Spijkstra leverde tussen 1988 en 2003 vele verhalen, onder andere de wonderlijke avonturen van schoolmeisje Caroline (tekeningen Carlos Freixas). Naast zijn eigen strip 'Pien en Peer' schreef Ruud Straatman voor Maria Barrera de paardenstrip 'Miskoop' (1988-1992). In de jaren 1990 en 2000 volgden nieuwe schrijvers als Jeanne Bakker, Paulien Andriessen, Frank Jonker en Willem Ritstier, waarvan Jonker koploper was met meer dan 130 geleverde verhalen tussen 1996 en 2008.


Fanny, door Fred de Heij (1994).

Nederlandse aanwas
Lange tijd heeft de redactie moeite om Nederlandse tekenaars te vinden voor de complete verhalen. In de loop van de jaren 1990 kwam daar verandering in. Aan het begin van dat decennium tekende eerst Rudi Jonker enkele verhalen en werd daarna Fred de Heij een vaste medewerker. Na vanaf 1992 enkele losse verhalen te hebben getekend, maakte hij samen met Patty Klein de gagstrip 'Fanny' (1994-2002), waarvoor hij uiteindelijk ook zelf de scenario's ging schrijven. Daarnaast schreef en tekende hij de historische strip 'De Zeemeeuw' (1994-1998). Tussen 1993 en 2006 werkte ook Aloys Oosterwijk voor Tina, allereerst met de zelfgeschreven avonturenstrip 'Mirte' (1993), daarna met de historische reeks 'Blanche & Gijske' (1994-1997) op tekst van Patty Klein, en vele losse verhalen, soms op eigen scenario. Tussen 1995 en 1998 bewerkte Dick Matena voor Tina enkele verhalen van de klassieke romanserie 'Joop ter Heul' van Cissy van Marxveldt. Ook Carry Brugman was van de partij met vele losse verhalen (1995-2006), evenals avonturen van 'Suzanne' (1995-1999), op tekst van Paulien Andriessen, en 'Jojo' (2004), geschreven door Piet Zeeman. Vanaf 2000 werd de Nederlandse tekenaarsstal aanzienlijk aangevuld door de komst van Peter FitzVerploegh, René Bergmans, Richard van de Pol, Robbert Damen, Gilbert Declercq, Paul Teng en Johan Westerhoff.


Een deel van "De Tina's" in 1987. Van links naar rechts: Marjolein Dirkes, Anne-Marie Tassier, Riek Tawfik en Riekie van der Maat.

Aankoopstrips
Toch bleef Tina ook nog rijkelijk gevuld met vervolgstrips. Deze werden echter grotendeels aangekocht uit het buitenland, vooral uit de meidenbladen van de Schotse uitgever DC Thomson. Dit vulde ongeveer een derde van het stripaanbod. Deze korte en lange verhalen vol weeshuizen, kostscholen, balletdanseressen en paardendrama hadden vaak een ouderwetsere uitstraling dan de eigen verhalen. De redactie was zich hiervan bewust, zoals redactieleden Anne-Marie Tassier en Kitty Smit in 1991 in Stripschrift verklaarden: "Wij zijn met die verhalen niet altijd even blij wat de tekenstijl betreft, maar de meisjes wel, en daar gaat het tenslotte om. (...) Het is lief, romantisch, precies wat de meisjes willen hebben." De verhalen werden doorgaans op voorraad aangekocht, zo vertelde Tassier in hetzelfde interview: "Regelmatig bestellen we een pakket met verhalen, we bestellen vaak bij bosjes. Die worden dan door ons vertaald en ingekleurd door Studio Leonardo." Hoewel de DC Thomson-strips doorgaans wisselende hoofdpersonen hadden, leverde de uitgeverij ook de reeks 'Annabel versiert het weer!' (1983-1985), een vertaling van 'Fran'll Fix It!' door Jim Baikie uit Jinty. Een andere bron was het blad Biggi van het Duitse Bastei Verlag, waar onder meer de reeks 'Kelly in Californië' (1989-1992) vandaan kwam. Een enkele keer werd een strip uit België aangekocht. Zo publiceerde Tina in 1986 enkele verhalen van de magische Robbedoes-strip 'Isabel', getekend door Will.


Angie en Bea, respectievelijk de Duitse en Engelse Tina, die in 1989 maar heel kort hebben bestaan.

Syndicatie & retail
Naast de aankoop van strips uit het buitenland, verschenen onze eigen Tina-strips ook in tijdschriften over de grens. Syndicatie was indertijd nog een belangrijke inkomstenbron voor uitgeverij Oberon. Al in 1983 vertelde scenarist Otto Veenhoven aan Striprofiel dat zijn strip 'Eduard & Emily' met veel succes in Spanje verscheen, maar ook helemaal in Peru werd gelezen. Vanaf eind jaren 1970 stond de reeks inderdaad in het tijdschrift Gina van uitgeverij Bruguera. Van 28 mei 1983 tot en met 15 juni 1985 verscheen bij de Spaanse uitgeverij Sarpe het tijdschrift Jana, dat volledig was gemodelleerd naar de Nederlandse Tina. In 1989 werd het concept nog eens verkocht aan Marvel UK in Engeland en Ehapa in Duitsland, maar van Bea verschenen zeven en van Angie maar twee nummers. In de jaren 1990 waagde de VNU zich ook weer aan albumuitgaven met Tina-strips. In 1994 werd de albumreeks van 'Noortje' gestart en tussen 1997 en 2002 verschenen acht delen in de collectie 'Het Beste uit Tina'. Daarnaast richtte Tina zich ook op de gewone kinderboekenmarkt met de pocketserie 'Tina Topper' (1993-2009).


De Tina-redactie in mei 1995. Helemaal bovenin: Jeannette Bos. Daaronder, van links naar rechts: Caroline Wetselaar(?), Anne Straatsburg, Leontien Brinkhof, Sunna Borghuis, Carina van Waart, Kitty Smit (hoofdredacteur). Zittend op de grond: Holly Holsboer, Marleen Voerman, Siska Mulder.

Tina-dag/Tina Festival
In de jaren 1990 werden de banden met de Tina-lezers verder aangehaald. Bijvoorbeeld door het "Tina Panel" dat regelmatig bijeenkwam om uiteenlopende onderwerpen te bespreken voor het blad, of de Malle Meiden Telefoon, waar Tina-lezeressen met vragen op bepaalde tijden naartoe konden bellen. Maar het grootste contactmoment werd de jaarlijkse Tina-dag. In 1992 werd de eerste editie gehouden in Ouwehands Dierenpark in Rhenen. Daarna waren Duinrell (1993-1994) en Walibi Flevo (1995-1998) de locaties voor het feestgedruis, maar sinds 1999 is Duinrell de vaste plek om een keer per jaar roze te kleuren voor dit drukbezochte Tina-feest. Op de boekenmarkt kunnen lezeressen handtekeningen verzamelen van hun favoriete schrijvers en stripmakers, op het podium zijn optredens te bewonderen en daarnaast zijn er meet & greets met popsterren en influencers.

Tina-dag 2011
Een roze Duinrell tijdens de Tina-dag 2011.

Wegens overweldigend succes werd de Tina-dag in 2012 een tweedaags feest, eerst onder de naam Tina-dag XL en vanaf 2015 als het Tina Festival. Sinds 2018 is het Tina Festival ook de plaats waar de felbegeerde Tina Awards worden uitgereikt aan sterren in de categorieën "Grootste Talent", "Knapste Knapperd", "Leukste TV-programma", "Beste TikTok-baas", "Tofste YouTube-held" en "Hipste Modemeisje". Alleen in 2020 en 2021 ging het evenement niet door vanwege de corona-pandemie. Wel werden er - grotendeels digitaal - Tina Awards uitgereikt.


Tina covers uit 2001 (nr. 14) en 2007 (nr. 4).

Vernieuwing
De jaren 2000 stonden in het teken van modernisering en emancipatie. Vooral onder hoofdredacteur Ingrid Kluvers werden hierin grote stappen gezet. Zo werd erop toegezien dat de moeder van Noortje niet altijd met een schort in de keuken staat, en portretteerde schrijfster Paulien Andriessen in de stripreeks 'Wereldvrouwen' (2006) sterke vrouwen die een grote rol hebben gespeeld in de geschiedenis, zoals de Keniaanse activiste Lucy Mulenkei en de Nederlandse verzetsstrijdster Hannie Schaft. De nieuwe groep Nederlandse striptekenaars die na 2000 aantrad had een modernere tekenstijl dan de nog altijd zeer actieve, maar meer traditionele Creaciones-groep. Tina Post en andere redactionele pagina's werden opgefleurd met grappige stripjes van één of twee stroken, zoals 'Puck' (1999-2005), door Frank Jonker en Paul Hoogma, het illustratief getekende 'Sammie & Muis' van Andrea Kruis en 'Zusje van...' (2007-2011) van Floor de Goede, over het "zusje van" een beroemde popster, waarin ook onderwerpen als homoseksualiteit aan bod kwamen.


'Hannie Schaft, het meisje met het rode haar', tekeningen van Paul Teng (Tina 17, 2006).

Verder werd ingehaakt op de popcultuur, bijvoorbeeld in nieuwe rubrieken als Miss Bizz, maar ook in de strips. Zo maakten Wijo Koek en Richard van de Pol een stripreeks gebaseerd op de jeugd-soapserie 'ZOOP' (2006-2007), en publiceerde Tina strips van 'Kim Possible' (2006-2007), naar de gelijknamige Disney tv-serie. Voor de aankoopstrips uit het buitenland werd steeds minder uit de Britse bladen geput. Van het Belgische Ballon Media kwamen moderne humorstrips als 'Tamara' van Zidrou en Darasse (2005-2012) en 'Melisande' van Clarke en Gilson (2005-2012), evenals de avonturen van 'Sarah Spits' door Marc Wasterlain, allen afkomstig uit Robbedoes/Spirou. Door de jaren heen ging Tina samenwerkingen aan met jeugdboekenschrijfsters als Mirjam Mous ('StrandTent') en Manon Sikkel ('IzzyLove', 'Emmy Lina'), die hun fictieve personages opvoerden in dagboekjes en columns. Redactionele pagina's, tekstverhalen en advertenties werden opgefleurd met eigentijdse illustraties van Samantha Loman, die hiervoor een modernere Tina-mascotte ontwikkelde dan degene die nog altijd optrad in de titelstrip.


In 2001 kwam de Tina-redactie bij elkaar ter gelegenheid van 25 jaar Noortje. Achter, van links naar rechts: Huub Scholten (echtgenoot Patty), Linda Out, Sandra Liesker, ?, Mirjam Knots, Alice van Dalen, Katalijn Verel, Kitty Smit, ?, Sunna Borghuis, Mariella Manfré, Annet Niterink, Auke Visser (uitgever). Voor: Suzanne de Haas, Holly Holsboer, Wil Steeman, Ingrid Kluvers, Patty Klein, Jan Steeman.

Suus & Sas/Roos
Sinds jaar en dag was blundermeid 'Noortje' de absolute favoriet bij de lezers, maar de redactie realiseerde zich dat de makers Patty Klein en Jan Steeman niet het eeuwige leven hadden. Er werden gesprekken gevoerd om de rechten van de strip over te kopen, zoals VNU een paar jaar daarvoor met de Libelle-strip 'Jan, Jans en de Kinderen' van Jan Kruis had gedaan. Patty en Jan zouden dan nog enkele jaren bij de productie betrokken blijven om een nieuw team in te werken. De deal ging uiteindelijk niet door, waardoor Patty en Jan nog jarenlang zelf nieuwe afleveringen van 'Noortje' konden blijven maken. Wel werd hun productie gehalveerd, van wekelijks naar tweewekelijks, waardoor er ruimte kwam voor een nieuwe strip.


'Suus & Sas' door Gerard Leever ( Tina 4, 2006).

Dit werd de gagstrip over de tweeling 'Suus & Sas' (2001- ), geschreven en getekend door Gerard Leever, met inkleuring van zijn vrouw Wilma Leenders. In een voor die tijd in Tina nog ongebruikelijke humorstijl beleefden de twee meiden herkenbare avonturen op school, rondom het huis en in de buurt. Steeds terugkerende grapelementen, zoals de eeuwige jacht naar jongens, oppaskindje Jermo en de voorspellingen van Madame Zizal, zorgden ervoor dat de Tina-lezeressen de striptweeling direct in hun harten sloten. Krijgt Suus ooit verkering met haar "Friethunk"? Het is een vraag die waarschijnlijk nooit beantwoord zal worden, maar die de fans al meer dan twintig jaar bezighoudt. Voor ideeën hoefde Gerard Leever niet ver te zoeken. Hij modelleerde zijn twee stripdochters naar zijn eigen pubertweeling. Hoewel de echte "Suus" en "Sas" inmiddels volwassen vrouwen zijn, blijven ze voor inspiratie zorgen, want ook zijn kleinkinderen gaf Gerard Leever een rolletje in de strip. Dochter Lonneke Leever werd later een van de vaste inkleurders van Tina-strips, en leverde als knip-en-vouwkunstenares een mooi portret van Suus en Sas voor het twintigjarig jubileum van de strip.


Toen Suus en Sas in 2021 twintig jaar in Tina stonden, werd een speciale Tina gemaakt om dit te vieren. De redactie verraste de maker Gerard Leever (rechts) met een iets te groot uitgvallen blow-up van de cover, die weer een vouwkunstwerk van dochter Lonneke Leever (links) bevatte.

Met 'Suus en Sas' ontstond in Tina een nieuwe trend van persoonlijke stripreeksen die nauw verbonden zijn aan de maker. Een ander voorbeeld hiervan is de eeuwige brugpieper Roos Vink, die Jan Vriends sinds 2007 voor het blad schrijft en tekent. Hoewel ze al meer dan 15 jaar in Tina staat, blijft Roos altijd het kleinste meisje in de brugklas met heimwee naar de basisschool. Met groteske leraren, vreemde vakken en een schoolgebouw vol vreemde gangen en deuren verbeeldt Jan Vriends op absurde wijze de spanning die kinderen ervaren wanneer ze voor het eerst naar de "grote school" gaan. Ook de Roos-strip heeft een sterke connectie met de maker. Wanneer in het gezin Vriends dochtertje India wordt geboren, krijgt Roos een zusje met de naam Indi. Ook krijgt ze haar hondje pas wanneer de familie Vriends ook een pup in huis krijgt. Zowel 'Suus & Sas' als 'Roos' scoren al jaren hoge cijfers in de strippolls, waarmee Gerard Leever en Jan Vriends de gezichtsbepalende stripmakers zijn voor de Tina van de 21ste eeuw (en ware sterren op het jaarlijkse Tina Festival).


'Roos', door Jan Vriends (Tina 12 van 2010).

Beukenlaan 35
In 2001 werden de publiekstijdschriften van de VNU overgekocht door de Finse uitgeefgroep Sanoma. Een van de belangrijkste doelstellingen van de nieuwe eigenaar was het uitbreiden van de online aanwezigheid van de diverse merken. Naast de al bestaande website Tina.nl zette Tina zich op 6 oktober 2002 goed op de kaart met de lancering van 'Beukenlaan 35'. Ter gelegenheid van het 35-jarig bestaan van het weekblad werd in samenwerking met de PixelPixies deze gratis online game ontwikkeld voor 50.000 meiden tussen 9 en 15 jaar. In dit interactieve spel pasten de deelnemers in vriendinnenteams op het virtuele huis van Tante Fiep. Zo moesten huisdieren verzorgd worden en konden de "nichtjes" (de spelers dus) door aanwijzingen te verzamelen het grote geheim van "hun" tante ontrafelen. Het leverde Tina in 2002 een Mercure Award op, in het volgende jaar een AMMA nominatie en in 2004 een Gouden SpinAward.

veertigste verjaardag van het blad feestelijk gevierd met een speciaal verjaardagsnummer (2007)
In Tina 25 van 2007 werd de veertigste verjaardag van het weekblad Tina gevierd met een speciale aflevering van de strip 'Janneke Steen' door Patty Klein en Angeles Felices. In het laatste plaatje werd de voltallige redactie geportretteerd. Van links naar rechts, van voorste rij naar achteren: Kristel van den Brink, Sanne Jansen, Holly Holsboer. Blanche Speelman (stagiaire), Vivianne Bendermacher, stripfiguur, René Huis (met pet), de vader van Janneke Steen, Femmigje Kautz, Marije Peters, Patty Klein (?), Karlijn Pouw, Madi Kolpa.

Tina deel 1: stripblad voor meisjes (1967-1983)
Tina deel 2: meisjesblad met strips (1983-2008)
Tina deel 3: modernisering en vernieuwing (2008-heden)