Stripgeschiedenis

Thom Roep

Douwe Dabbert door Thom Roep
Speciaal 'Douwe Dabbert' verhaal voor 'Wordt Vervolgd Presenteert' (1985) over de productie van een stripverhaal.

Thom Roep werkte 40 jaar bij het vrolijke weekblad Donald Duck (1973-2013), en was hoofdredacteur tussen 1984 en 2013. In deze periode werd de eigen Nederlandse stripproductie uitgebreid en werden er verschillende extra Disney-bladen gelanceerd. Daarnaast was Roep betrokken bij verschillende Disney-gerelateerde tv-programma's en was hij jarenlang de officiële perswoordvoerder van het blad. Hij was verder de bedenker en schrijver van de populairste non-Disneystrips uit het weekblad: 'Douwe Dabbert' (tekeningen door Piet Wijn, 1975-2001) en 'Van Nul tot Nu' (tekeningen door Co Loerakker, 1982-1994).

Jonge jaren
Thomas Roep werd op 10 april 1952 in Amsterdam geboren, toevallig in hetzelfde jaar waarin het weekblad Donald Duck in Nederland werd gelanceerd. In zijn jeugd verslond hij strips als 'Suske en Wiske' van Willy Vandersteen, de Illustrated Classics reeks, de stripbladen Kuifje en Pep en natuurlijk de klassieke Donald Duck-verhalen van Carl Barks. Hoewel hij aan de Pedagogische Academie had gestudeerd, stond hij nooit voor de klas. Zijn liefde voor strips duwde hem in een andere richting. Tijdens zijn opleiding had Roep de mogelijkheden van strips in het onderwijs onderzocht en tegelijkertijd bijdragen geleverd aan enkele kleinschalige tijdschriften.


Donald Duck redactie in 1976. Staand: Cees de Groot, Daan Jippes, Piet Zeeman, Kitty Smit, Marjolein Winkel, Bartel van de Velde (die in 1952 de originele licentiedeal maakte) en Pieter van Oppenraaij. Zittend: Thom Roep, Ineke de Graaff en Wim van Etten.

Donald Duck
In mei 1973 solliciteerde hij bij Oberon, de striptak van de uitgeversgroep VNU, voor een baan op de redactie van het weekblad Donald Duck. Na een proefopdracht (o.a. een scenario voor de Grote Boze Wolf) werd hij aangenomen. Dit allereerste verhaaltje werd door Robert van der Kroft uitgetekend en in Donald Duck 4 van 1975 gepubliceerd.

In zijn eerste jaren als redacteur vertaalde en redigeerde Roep vele stripverhalen met de Disney-personages, maar ook non-Disney strips zoals 'Chlorophyl', 'Snoesje' en 'Pantoffel' van Raymond Macherot, ook één van zijn favoriete auteurs. Hij schreef verder verhalen met personages als 'Kleine Hiawatha', 'Broer Konijn' en 'Donald Duck', die daarna werden getekend door Frits Godhelp, Carol Voges, Ed van Schuijlenburg en andere tekenaars die bij de Nederlandse productie van Disney-strips betrokken waren.

Grote Boze Wolf verhaal door Thom Roep
Eerste door Thom Roep geschreven Disney-verhaal, met tekeningen van Robert van der Kroft (gepubliceerd in Donald Duck 4, 1975).

Sjors / Pep
Behalve voor Disney, schreef Thom Roep samen met Annelies Dekker het 'Sjors en Sjimmie'-avontuur 'De Zilte Zeezeilerij'. Het werd door Jan Steeman getekend en in 1974 in Sjors voorgepubliceerd, waarna het in 1975 in boekvorm verscheen. Tegelijkertijd maakte Roep samen met Robert van der Kroft twee korte verhalen voor Pep, 'Een eend van een eend' in nummer 11 uit 1974 en 'Inflatie' in het volgende nummer.

Disney redactie
De Disney redactie in de jaren '80, met rechts vooraan Thom Roep. Verder op de foto: Carla de Vries, Piet Zeeman, Kitty Smit, Pieter van Oppenraaij, Harry Balm, ?, Marjolein Westerterp, Hellen de Koning, Ed van Schuijlenburg, Co Loerakker (bovenste rij), Jos Steenstra, Karin Oldenburg, Conny Verwey, Nelly Wilderom, Joan Lommen, Lucas Abedy (voorste rij)

Donald Duck: jaren 1970 en vroege jaren 1980
Thom Roeps carrière bij Donald Duck begon op het juiste moment. Tijdens de jaren 1960 had het blad veel van de originele charme en kwaliteit verloren. De uitgever wilde het blad tot een jonger publiek beperken, zodat de oudere lezers naar Pep zouden overstappen. Dit veranderde in de jaren 1970, toen Donald Duck zich weer op kwaliteit begon te richten. Allereerst startte hoofdredacteur Paul Deckers in 1973 een lokale stripproductie op, waarvan Daan Jippes de supervisie kreeg. Carl Barks werd de kwaliteitsnorm voor deze Nederlandse verhalen. Amerikaanse stripfanaten hadden de identiteit weten te achterhalen van de legendarische "Good Artist", die tijdens de jaren 1940 en 1950 alle memorabele verhalen met Donald Duck en zijn familie had geschreven en getekend. In Nederland schreef in 1972 Evert Geradts als eerste over Barks in zijn undergroundblad Tante Leny Presenteert. Thom Roep speelde een grote rol bij het achterhalen van alle klassieke Barks-verhalen die nog niet eerder in Nederland gepubliceerd waren. De terugkeer van Carl Barks in de pagina's van het vrolijke weekblad en de nieuwe focus op kwaliteit in het algemeen luidde de "Gouden Periode" van het Nederlandse Disney-blad in. In 1980 bereikte het blad een recordoplage van 450.000 nummers per week.


Thom Roep en Joan Lommen ontvangen een originele tekening van Carl Barks toen de oude meester in 1994 Nederland bezocht.

Donald Duck: hoofdredactie (1984-2013)
Roep volgde in 1984 Cees de Groot op als hoofdredacteur en bleef deze rol tot zijn pensioen in augustus 2013 vervullen. De lokale productie van stripverhalen breidde zich tijdens deze periode enorm uit. Uiteindelijk werd de helft van het Nederlandse blad met eigengemaakte verhalen gevuld, de andere helft bestond uit Deens materiaal en oudere Amerikaanse verhalen. Dick Matena, José Colomer Fonts, Freddy Milton, Ben Verhagen en Jaap Stavenuiter waren prominente tekenaars in de jaren 1980 en 1990, terwijl Mau Heymans, Sander Gulien, Bas Heymans en de vele tekenaars van Studio Comicup in Barcelona tijdens Roeps latere periode het meeste tekenwerk verzorgden. Thom Roep keurde persoonlijk de scripts, waarvan Evert Geradts, Jan Kruse, Mau Heymans, Ruud Straatman en Frank Jonker de productiefste levranciers waren. De hoofdredacteur overzag ook de indelingen van Vakantie- en Winterboeken, evenals de albumreeksen. De belangrijkste hiervan waren degenen die het werk van Carl Barks verzamelden: 'De Beste Verhalen van Donald Duck' (1975-2010) en 'Oom Dagobert - Avonturen van een Steenrijke Eend' (1977-2006). Onder zijn bewind werden ook verschillende afgeleide bladen gelanceerd, zoals Donald Duck Extra (1986), Katrien (sinds 1999), Duck Out (2007-2012), Donald Duck Junior (sinds 2008), de DONALD glossy (2009-2011) en Disney XD Magazine (2010-2012).


Thom Roeps scenario voor pagina 12 van het 'Douwe Dabbert' verhaal 'Het Flodderwerk van Pief' (1984) en de door Wijn uitgewerkte pagina.

Douwe Dabbert
Roep bewees ook dat hij strips kon schrijven met eigen creaties, wat resulteerde in de succesvolle stripreeksen 'Douwe Dabbert' (1975-2001) en 'Van Nul tot Nu' (1982-1994). Bij het doorkijken van oud illustratiewerk in de archieven van Oberons kleuterblad Bobo, vielen zijn ogen op een tekening van een dwerg met een grote witte baard. De tekenaar van dienst was Piet Wijn. De tekeningen waren nooit gebruikt en ver in de archieven weggestopt. In een vlaag van inspiratie schreef Roep een eenmalig stripverhaal over een verwende prinses met deze dwerg - die de naam 'Douwe Dabbert' kreeg - in een bijrol. Toen het in 1975 onder de titel 'De Verwende Prinses' (1975) verscheen in Donald Duck werd het goed ontvangen. Datzelfde jaar al keerde Douwe terug met een nieuw verhaal, 'Het Verborgen Dierenrijk'. Douwe Dabbert is een wijze dwerg die een magische knapzak bezit. Zijn alliteratieve naam werd gekozen in lijn met de figuren uit de Disney strips. Hoewel de strip teruggreep naar oudere Nederlandse kabouterverhalen, zoals Dick Laan en Rein van Looy's 'Pinkeltje', Jean Dulieu's 'Paulus de Boskabouter' en Phiny Dicks 'Olle Kapoen', was Roep en Wijns creatie toch iets totaal anders. Veel avonturen ademen een zeventiende eeuwse sfeer uit; die van de Nederlandse Gouden Eeuw. Sommige verhalen zijn historisch realistisch, anderen zijn eerder fantasierijk van aard, met optredens van heksen, antropomorfe dieren en boze tovenaars. Wijn bracht alles tot leven in zeer gedetailleerde en sfeervolle tekeningen die Douwe naar alle uithoeken van de aarde brachten.

Opmerkelijk aan de creatieve samenwerking tussen Thom Roep en Piet Wijn was dat Roep destijds amper 22 jaar oud was en Wijn al 45. Ondanks hun leeftijdsverschil vonden ze makkelijk aansluiting door hun liefde voor fantasy, geschiedenis en de strips van 'Bruintje Beer' door Mary Tourtel, de romans van W.G. van de Hulst en het tekenwerk van Carl von Spitzweg, Nicolas Dear en Wilhelm Hauff.

Douwe DabbertDouwe Dabbert

'Douwe Dabbert' bleek populair bij lezers en blijft, afgezien natuurlijk van de Disney-strips, de meest herkenbare stripreeks uit Donald Duck. De reeks werd zelfs populair in het buitenland, opnieuw een zeldzame prestatie voor een non-Disneystrip in een Disney-blad. 'Douwe Dabbert' verscheen in het Engels ('Danny Doodle'), Duits ('Timpe Tampert'), Luxemburgs ('Nicky Bommel'), Zweeds ('Teobald'), Spaans ('Bermudillo'), Portugees en Pools ('Daniel Dudek'), maar was nergens zo populair als in Denemarken. In tegenstelling tot andere landen werden alle verhalen van 'Douwe Dabbert' in het Deens vertaald, waar het personage bekend staat als 'Gammelpot'. In Indonesië werden verschillende bootlegverhalen met Douwe Dabbert ('Pak Janggut') uitgebracht, waarvan Roep en de erfgenamen van Piet Wijn het bestaan pas ontdekten toen ze werden ingevoerd op de catalogussite Catawiki. 'Douwe Dabbert' bleef tijdens de jaren 1990 onverminderd populair, totdat gezondheidsproblemen Piet Wijn dwongen te stoppen. Dick Matena werkte in 2001 het laatste 'Douwe Dabbert'-verhaal af. Alle 'Douwe Dabbert'-verhalen werden tussen 1977 en 2001 in 23 albums uitgegeven door Oberon en Big Balloon.

Douwe Dabbert - Het Schip van IJsDouwe Dabbert - Het Schip van IJs
Thom Roeps scenario voor pagina 8 van het 'Douwe Dabbert' verhaal 'Het Schip van IJs' (1994) en de door Wijn uitgewerkte pagina.

Van Nul tot Nu
Thom Roeps andere meesterwerk, 'Van Nul tot Nu', is een stripreeks over de vaderlandse geschiedenis, getekend en mede geschreven door Co Loerakker. Vreemd genoeg was niemand in Nederland eerder aan zo'n project begonnen. Er waren wat historische voorlopers, zoals de geïllustreerde beeldroman 'Tafereelen uit de Geschiedenis des Vaderlands, tot Nut van Groot en Klein' (1854) van Jacob van Lennep en Jhr. P. van Loon. Tussen 1904 en 1906 tekende Jan Feith een geïllustreerde geschiedenis van Nederland in silhouetten, terwijl Bertus Aafjes en Piet Worm met 'De Vrolijke Vaderlandsche Geschiedenis' (1948) een humoristische kijk op de nationale geschiedenis gaven. Maar allen waren in wezen tekststrips die slechts op een aantal sleutelmomenten focusten. Als voorbeeld moesten de auteurs daarom naar strips uit andere landen kijken. Het boek 'België in Beeld' (1979) door Georges H. Dumont en Louis Haché vertelde de geschiedenis van België in stripvorm. Roep vond deze poging echter goedbedoeld, maar toch te droog en statisch qua schrijfstijl en tekeningen. Om jongere lezers aan te spreken moest hun strip dynamischer zijn en ruimte bieden voor humor. In tegenstelling tot 'België in Beeld' - wat een tekststrip was - besloten Roep en Loerakker om een ballonstrip te maken. Aanvankelijk was hoofdredacteur Cees de Groot niet zo tuk op het idee, maar nadat hij de eerste bladzijden zag veranderde hij van mening en kreeg het project groen licht. De reeks kreeg de naam 'Van Nul tot Nu' en werd tussen 1982 en 1987 in afleveringen in Donald Duck voorgepubliceerd.

Van nul tot nuVan nul tot nu

Roep en Loerakker deden heel wat research voor 'Van Nul tot Nu'. Ze namen verschillende geschiedenisboeken door, terwijl Loerakker toegang kreeg tot de beeldarchieven van de Haarlemse uitgeverij De Spaarnestad, waarin duizenden foto's, kopieën en oude gravures te vinden waren. De auteurs gingen ook na welke leermethodes er op de basisscholen gebruikt werden. Destijds gebruikten veel Nederlandse scholen een experimentele lesmethode. Deze richtte zich niet op chronologie, maar op thema's als "transport door de eeuwen heen" en "communicatie door de eeuwen heen". Roep en Loerakker kozen bewust voor een chronologische aanpak van hun stripbewerking van de Nederlandse geschiedenis. Eerst en vooral omdat zij het zelf zo op school geleerd hadden, maar ook om te vermijden dat kinderen in Donald Duck dezelfde geschiedenislesjes zouden krijgen als in de klas. Deze beslissing bleek een slimme zet, want een aantal jaar later liet het onderwijs de thematische geschiedenislessen weer vallen, aangezien leerlingen niet in staat waren historische gebeurtenissen in het juiste tijdperk te plaatsen. Verschillende scholen gingen zelfs 'Van Nul tot Nu' in de klas te gebruiken om de schade ongedaan te maken. Roep kreeg zelfs verzoekjes uit het Verenigd Koninkrijk, Denemarken en de Nederlandse Antillen om ook een stripreeks van hun nationale geschiedenis te maken. Soortgelijke verzoekjes kwamen van de KLM en Nederlandse Spoorwegen.


'Van Nul tot Nu' over de rol van vrouwen in de 19de eeuwse samenleving (tekeningen door Co Loerakker)..

Een andere manier waarop Thom Roep en Co Loerakker zichzelf van de schoolse aanpak onderscheidden was het gebruik van humor. Toch was Roep zich ervan bewust dat kinderen moesten weten welke dingen echte feiten waren en wat als een grap bedoeld was. Hij ontwikkelde een vertelkader in het heden, waarin het jonge meisje Ankie Verhagen privélessen geschiedenis krijgt van een sympathieke, oude wijze man genaamd Methusalem de Tijdt (die er alle schijn van heeft niemand minder dan Vadertje Tijd te zijn). De scènes tussen Ankie en Methusalem zijn voornamelijk serieus van toon en daarom in een semi-realistische stijl getekend. Alles wat hij haar vertelt zijn daadwerkelijke historische feiten. De historische gebeurtenissen zelf zijn in een komischer stijl getekend, met verschillende (visuele) gags, melige woordspelingen en knipoogjes naar andere stripfiguren zoals 'Dagobert Duck', 'Kuifje', 'Suske en Wiske', 'Lucky Luke', 'Agent 327', 'Billie Turf' en 'Astérix'. Op die manier konden lezers gemakkelijker feit van fictie onderscheiden. Het gebruik van een verteller voorkwam ook dat de strip als een geïllustreerd essay overkwam, wat 'België in Beeld' in feite was. Terwijl Methusalem vertelde kon Ankie vanuit kinderoogpunt opmerkingen maken en vragen stellen. Dit was ook een handige manier om kritische noten te plaatsen bij bepaalde historische figuren en gebeurtenissen, die door de eeuwen een heldhaftige status hadden gekregen, maar inmiddels wel wat Hollandse nuchterheid konden gebruiken.


De donkere kanten van de nationale geschiedenis worden ook in 'Van Nul tot Nu' aangekaart (tekeningen van Co Loerakker).

De oorspronkelijke reeks van 'Van Nul tot Nu' werd tussen 1984 en 1987 in vier delen door Oberon gebundeld, en later door Big Balloon heruitgegeven. Het eerste deel beslaat de prehistorie tot 1648 - het jaar waarin het Verdrag van Münster werd getekend dat een einde maakte aan de Tachtigjarige Oorlog. Roep verklaarde later dat deze overweldigende samenpersing van duizenden eeuwen geschiedenis voortkwam uit het naïeve idee dat de volledige geschiedenis in één boek zou passen. Gelukkig reageerden lezers zo enthousiast dat de uitgever geen probleem zag om meerdere delen uit te trekken om het project netjes af te werken. Roep en Loerakker vertelden de rest daarom op een iets rustiger tempo. Het tweede boek beschrijft alle gebeurtenissen van 1648 tot de stichting van een onafhankelijk Nederland in 1815. Het derde deel behandelt de Nederlandse geschiedenis vanaf dat punt tot aan het begin van de Tweede Wereldoorlog, terwijl het vierde en laatste deel de Tweede Wereldoorlog en de rest van de 20ste eeuw bestrijkt. Dit laatste deel had meer schriftelijke input van Loerakker. De tekenaar was niet alleen drie jaar ouder dan Roep, maar ook meer in dit deel van de geschiedenis geïnteresseerd. Toen het deel in 1999 en 2003 geüpdatet en aangevuld werd heruitgebracht, nam Loerakker opnieuw het merendeel van het scenario voor zijn rekening. Hij voegde meer gebeurtenissen van de late jaren 1980 tot de late jaren 1990 toe en verwijderde wat gedateerde dialogen. In 1994 verscheen een vijfde deel, dat geheel in het teken stond van het dagelijkse leven. Deze collectie van kortere, op zichzelf staande verhalen over de geschiedenis van voeding, huizen, schrijven, misdaad en seksualiteit. Omdat Big Balloon de albumuitgaven van Oberon had overgenomen, werden deze afleveringen gepubliceerd in Big Balloons Sjors & Sjimmie Stripblad, behalve het laatste deel dat een meer volwassen inhoud had. De resterende bladzijden werden opgevuld met twee-pagina illustraties van verschillende momenten uit de geschiedenis, zoals de Oertijd, het Oude Rome, de middeleeuwen, de barok, de Industriële Revolutie en onze tijd. Deze tekeningen waren oorspronkelijk als kalender in Donald Duck verschenen.


Thom Roep en Co Loerakker met een wassenbeeld van koningin Beatrix in Madame Tussauds, Amsterdam.

Terwijl 'Van Nul tot Nu' over het algemeen positief ontvangen werd en een ware bestseller was, waren er ook wat punten van kritiek. Behalve de voorspelbare kommaneukerij van historici over bepaalde visuele details, namen mensen uit religieuze kringen aanstoot aan sommige humoristische scènes. Roep en Loerakker weigerden een scène te veranderen waarin Maarten Luther bij het nagelen van zijn 95 stellingen aan de kerkdeur in Wittenberg op zijn duim slaat. Maar ze veranderden wel een zin rond Charles Darwin, zodat hij nu "beweerde" en niet "ontdekte" dat mens en aap dezelfde voorouders hadden. Afgezien van deze kleine incidenten, is 'Van Nul tot Nu' één van de weinige opvoedkundige strips die door leraren op waarde wordt geschat. Het vestigde ook de standaard voor latere educatieve strips. Margreet de Heer heeft verklaard dat haar '...In Beeld' reeks zeer schatplichtig is aan het werk van Roep en Loerakker. Skelte Braaksma, die strips maakt over de geschiedenis van Friesland, noemde 'Van Nul tot Nu' ook als een invloed. Opmerkelijk is de tweedelige boekenset 'Van Toen Tot Nu' (2013), waarvan zowel titel als layout sterke gelijkenissen vertonen met die van 'Van Nul Tot Nu'. Het was een co-productie van Studio Stampij en Big Balloon, en bevatte tekeningen van Robbert Damen.

Ondanks alle succes en erkenning heeft Roep aangekondigd dat er in de toekomst geen nieuwe afleveringen meer zullen volgen. Zoals hij in zijn voorwoord tot de volledige editie uit 2016 stelde: "Er bestaat in onze optiek geen vaderlandse geschiedenis meer! Sinds de invoering van de euro in 2002, sinds de veranderde samenwerking binnen de meeste Europese landen en vooral dankzij de komst van de vele, geavanceerde communicatietechnieken die de wereld almaar kleiner en bereikbaarder voor iedereen maken dan ooit daarvoor. De vaderlandse geschiedenis is nu echt verleden tijd en is letterlijk oude historie geworden! Er is nu sprake van een Europese of een wereldgeschiedenis, maar de rol van ons vaderland, waar we onze moedertaal spreken kan niet langer los gezien worden van het grote internationale gebeuren in zijn brede totaliteit. Door de directe bereikbaarheid via de moderne apparatuur zijn van vele landen de grenzen symbolisch geworden en moet al wat gebeurt in een veel groter geheel gezien worden, waar een klein landje deel van uitmaakt..."


Eén van Alfred Bestall's 'Bruintje Beer' verhalen, tot ballonstrip omgevormd door Thom Roep.

Andere stripscenario's en vertalingen
In 1985 schreef Thom Roep de strip 'Hein Konijn' voor een goochelboek dat Oberon uitgaf rond goochelaar Hans Kazan. De tekeningen waren van de hand van Ed van Schuijlenburg. Tussen 1987 en 1990 publiceerde Donald Duck verschilende verhalen van de Britse krantenstrip 'Bruintje Beer' ('Rupert Bear') door Alfred Bestall. Thom Roep herwerkte de van oorsprong tekststrip tot een ballonstrip en voorzag deze van nieuwe pagina lay-outs en teksten. Oberon gaf hiervan in 1989 een hardcover boek uit. Rond dezelfde tijd stelde Thom Roep een soortgelijke aanpak voor rond Nederlandse krantenstrips, zoals 'Eric de Noorman' van Hans G. Kresse. Kresse herwerkte persoonlijk zijn verhaal 'De Geschiedenis van Bor Khan' (1952) tot ballonstrip. Het werd in 1988 in Sjors & Sjimmie Stripblad gepubliceerd.

Eind jaren 1990 nam Roep samen met Dick Matena en Carla Back van de Toonder Studio's deel aan een brainstorm voor nieuwe ballonstrips met Marten Toonders 'Tom Poes' voor Donald Duck. Dit leidde tot de plots voor 'Het Ei van Ukuu' en 'De Paskaart'. Matena werkte deze ideeën verder uit tot scripts. 'Het Ei van Ukuu' werd uiteindelijk in het weekblad Donald Duck gepubliceerd, maar 'De Paskaart' bleef onafgewerkt. In 2013 gebruikte Matena de titel en basisplot voor een nieuw 'Bommel'-verhaal dat in de glossy VertrekNL van uitgeverij Personalia werd gepubliceerd. In 1998, 1999 en 2001 schreef Thom Roep verder drie tekstverhalen met het personage 'Valentijn' onder de pennaam Bregje Alisson. De verhalen werden door Fred Marschall geïllustreerd.

Disney Club
Thom Roep (bovenaan rechts) met het team van de Disney Club.

Televisiewerk
Vanuit zijn rol als hoofdredacteur verscheen Thom Roep regelmatig op televisie, radio en in de pers als woordvoerder voor het Nederlandse Disney-weekblad. Hij was nauw betrokken bij de ontwikkeling van Disney-gerelateerde televisieshows voor de NCRV. 'Dit is Disney' (1985-1989) betekende het tv-debuut van Irene Moors, die hiervoor op de marketingafdeling van het blad gewerkt had. De opvolgers 'Disney Parade' (1989) en' Disney Club' (1990-1992) waren nauwer verbonden met het blad. Afleveringen van Disney-shows als 'Ducktales' en 'Rescue Rangers' werden afgewisseld door studioscènes met een kinderpubliek en sketches op locatie. Presentatoren voor de latere twee reeksen waren Jochem van Gelder, Melline Mollerus, Willy Nap en Mike Starink, terwijl Thom Roep regelmatig verscheen als afgevaardigde van het weekblad, maar ook als gastacteur in sketches.


Nick & Simon script door Thom Roep, en de uitgewerkte pagina door Carmen Pérez uit Tina 34, 2011.

Tina
In 2001 kocht het Finse mediaconcern Sanoma het tijdschriftenportfolio van de VNU op. Aan het einde van het decennium ontbond het bedrijf de voorheen onafhankelijke redacties van de kleinere titels en bracht hun activiteiten onder in zogenaamde parapludivisies gebaseerd op doelgroep. Zodoende werden het meidenblad Tina, het populaire wetenschapsblad Zo Zit Dat en Nickelodeon Magazine bij de Disney-afdeling gevoegd en ontstond er een "Kids & teens" cluster. Vanaf 2008 waren Thom Roep en zijn adjunct Joan Lommen dus ook verantwoordelijk voor de stripproductie van Tina. Ze maakten een eind aan de melo-dramatische en ietwat gedateerde verhalen die sinds de lancering in 1967 de boventoon hadden gevoerd in het blad. na een restyling mikte Tina op een iets jonger publiek. Populaire series als 'Suus & Sas' door Gerard Leever en 'Noortje' door Patty Klein en Jan Steeman bleven, maar Jan Vriends werd gevraagd een modernere titelfiguur te ontwerpen. De nieuwe Tina werd pas in 2013 geïntroduceerd, toen de herinneringen aan de oude titelheld vervlogen waren. Ook begon 'Karlijn, Catootje en de Ouders' (2011), een spin-off van de familiestrip 'Jan, Jans en de Kinderen' van Studio Jan Kruis uit Libelle. In samenwerking met hun management ontwikkelde Thom Roep een strip rond de populaire Volendamse zangers Nick en Simon (2010-2013). Roep schreef verschillende verhalen, terwijl het tekenwerk door Spaanse tekenaars als Sergio Garrido, Carmen Pérez en Rafa Ruiz werd verzorgd. Later werden ook Frank Jonker, Ruud Straatman, Bas Schuddeboom en Dorith Graef voor het schrijfwerk ingeschakeld. Kort voor zijn pensionering nam Roep het initiatief tot een strip over de dochter van een dierenarts, wat uiteindelijk 'Emme's Dierenwereld' (2014-2016) werd, geschreven door Lucienne van Ek en getekend door de eerder vermelde Ruiz en Pérez.

Behalve deze producties van eigen bodem, kochten Roep en Lommen voor Tina buitenlands materiaal aan. Roep verzorgde zelf de vertalingen van de oorspronkelijk Franse stripreeks 'Girlz' door Dentiblù, Douyé en Goupil (gepubliceerd in Tina als 'Marijn en Julie', 2009-2013), en de herwerking en vertaling van de Amerikaanse krantenstrip 'Ponytail' door Lee Holley uit de jaren 1960 en 1970 (sinds 2009 in Tina gepubliceerd als 'Madelief').

Ponytail by Lee HolleyMadelief by Lee Holley and Thom Roep
Originele Ponytail strip door Lee Holley van 4 april 1977 en Thom Roep's gemoderniseerde en aangepaste versie voor Tina 13, 2017.

Erkenning
Bij zijn afscheidsfeest op 12 augustus 2013 werd hij door minister Ronald Plasterk geëerd met een ridderorde van Oranje-Nassau. Daarvoor had hij al de Disney Publishers Milestone Award van de Walt Disney Company ontvangen voor zijn veertigjarige toewijding aan de Disney-bladen in Nederland. Op 7-8 maart 2015, tijdens de Stripdagen in Gorinchem, ontving hij de Bulletje en Boonestaakschaal. 

Staat van dienst
De Nederlandse "Burgemeester van Duckstad" kondigde in 2013 zijn afscheid aan. Als een echte man van het gedrukte woord voelde hij zich niet thuis in de digitale richting die Sanoma insloeg. Roep was één van de laatste klassieke hoofdredacteurs die het bedrijf verliet. De taakomschrijving van zijn opvolger richtte zich vooral op logistiek en financiën, terwijl zijn creatieve taken verdeeld werden onder Joan Lommen en de redacteurs Jos Beekman (keuring van de Disney-scripts), Ferdi Felderhof (samenstelling albumuitgaven) en Bas Schuddeboom (Tina-strips).

Thom Roep

Sinds zijn pensionering heeft Thom Roep tot eind 2019 'Madelief' voor Tina vertaald en bewerkt. Hij heeft zich ook beziggehouden met nieuwe boekenverzamelingen van 'Douwe Dabbert', zowel de heruitgave van de reguliere reeks bij Don Lawrence Collection als gelimiteerde luxe-uitgaven bij Barabas. Hij vult verder zijn dagen met schilderen, lezen, schrijven en vertalen. Zijn dochter Lotte Roep is sinds 2012 een redactrice bij Donald Duck, en zijn andere dochter Wendy is journaliste.

In de Stripheldenbuurt van Almere is een straat vernoemd naar 'Douwe Dabbert'. Hoewel de naam al in 2003 door Lambieks Kees Kousemaker werd aangedragen, bleef de Douwe Dabbertstraat jarenlang slechts een naam op een kaart. Het was het laatste deel van de buurt dat gebouwd werd - de straatnaamborden werden pas in 2016 geplaatst.

Van Thom Tot Nu
Op zijn afscheidsfeest ontving Thom Roep twee boeken met daarin alle (korte) verhalen die hij voor Donald Duck en Tina heeft geschreven, evenals een compilatie uit zijn langere reeksen 'Douwe Dabbert' en 'Van Nu Tot Nu'. De strips werden afgewisseld met oude interviews, foto's en herinneringen van (oud-)collega's. De boeken werden samengesteld door Duck-redacteuren Ferdi Felderhof en Bas Schuddeboom, en het eerste boek had een originele covertekening door de tekenaars van de tekenstudio op de Disney-redactie (Viktor Venema, Jan-Roman Pikula, Michel Nadorp, Wilma van den Bosch, Frans Hasselaar). Het toont een mars van Thom's eigen creaties, collega's en lievelingspersonages, in de stijl van de 'Van Nul tot Nu' covers. Het tweede boek bevat een oudere tekening voor een 'Douwe Dabbert' poster door Dick Matena, met daarop afgebeeld Piet Wijn en Thom Roep. Beide boeken verschenen in een zeer gelimiteerde uitgave van vier exemplaren, enkel bedoeld voor Thom en zijn familie.

Een selectie van Thom Roeps tv-verschijningen op het YouTube-kanaal van Donald Duck
Thom Roep op Inducks

Register van tekenaars
Engelse pagina in de Comiclopedia

(Tekst door Kjell Knudde en Bas Schuddeboom)